Onderzoeksgroep

Persoon en vermogen

Expertise

Juridisch advies en consultancy Geven van voordrachten, seminars en verstrekken van onderwijs Supervisie van projecten van beleidsondersteunend of fundamenteel onderzoek

Onderzoek naar interlandelijke adopties uit het verleden. 05/05/2020 - 31/12/2021

Abstract

Interlandelijke adopties in Vlaanderen verlopen niet altijd volgens de regels. De Vlaamse regering heeft in juli 2019 een expertenpanel opgericht om onderzoek te doen naar interlandelijke adopties uit het verleden, en om basis daarvan aanbevelingen te doen opdat interlandelijke adopties in de toekomst zouden plaatsvinden met zo maximaal mogelijke garanties op een correct verloop.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Het juridische statuut en de bescherming van ongeboren menselijk leven: een benadering vanuit het perspectief van menselijke waardigheid. 01/01/2019 - 31/12/2022

Abstract

Het huidige Belgische recht in verband met ongeboren menselijk leven mist duidelijkheid en is inconsistent en incoherent. De enkele toepasselijke wetsbepalingen zitten verkokerd in verschillende rechtsdomeinen en instrumenten en ook de rechtspraak biedt een erg divergent beeld. Ook op internationaal vlak is dat het geval, zowel in wetgevende instrumenten als in rechtspraak. Daardoor is er een gebrek aan rechtszekerheid. De doelstelling van dit project is, daarom, om een coherente en consistente benadering van ongeboren menselijk leven naar Belgisch recht voor te stellen. De hypothese daarbij is dat het concept van de menselijke waardigheid daarbij een sleutelfunctie kan vervullen. Naar dit concept wordt in mensenrechtelijke context nu al verwezen omwille van de bescherming van entiteiten op welke de mensenrechtenbescherming als dusdanig niet van toepassing is. Het normatieve voorstel zal gebaseerd zijn op een descriptief luik, van de huidige Belgische situatie, dat wordt geëvalueerd op basis van de rechtsvergelijkende methode.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Bibliotheekkrediet Sociale en Human Wetenschappen (Faculteit Rechten). 01/01/2019 - 31/12/2020

Abstract

Dit project kadert in een onderzoeksopdracht toegekend door de Universiteit Antwerpen. De promotor levert de Universiteit Antwerpen de onderzoeksresultaten genoemd in de titel van het project onder de voorwaarden zoals vastgelegd door de universiteit. het project heeft tot doel een evenwichtig beheersmodel uit te bouwen voor de rechtsbibliotheek als laboratorium voor onderzoek en voor onderwijs in alle rechtsdomeinen.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Leerstoel Dier & Recht. 01/10/2018 - 30/09/2022

Abstract

De Leerstoel Dier & Recht, gefinancierd door een mecenas, wil komen tot een alomvattend principe rond 'dierwaardigheid'. Vlaanderen kent een uitgebreide wetgeving rond dierenwelzijn, en in Wallonië werd er recentelijk nog een decreet rond dieren uitgevaardigd. Maar de samenleving is terecht verontwaardigd over het ontbreken van efficiënte en effectieve instrumenten om zware incidenten te voorkomen, te verhelpen en te bestraffen. De leerstoel gaat op zoek naar één overkoepelend, maatgevend principe over hoe we moeten omgaan met dieren en dat in regels operationeel kan worden gemaakt. De doelstelling van de leerstoel is tweeledig: de ontwikkeling van dierwaardigheid als juridisch principe waarop menselijk handelen en nalaten rond dieren moet zijn gegrond; en stimulering van het maatschappelijke debat vanuit wetenschappelijke hoek om de bewustwording rond het concept dierwaardigheid te verhogen.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

De functie van en de criteria voor intergenerationeel erfrecht. 01/01/2017 - 31/12/2020

Abstract

Op grond van het Belgische intestaaterfrecht zijn de afstammelingen erfgerechtigd. Het enige criterium voor deze erfgerechtigdheid is de juridische afstammingsrelatie, zodat verschillende gezinsvormen in de kou staan. Niettegenstaande de maatschappelijke evoluties (bv nieuw samengestelde gezinnen, homoseksuele koppels met kinderen, ea) kunnen enkel afstammelingen met een juridische afstammingsband tot de nalatenschap komen; biologische afstamming volstaat niet; sociaal ouderschap evenmin. De vestiging van een juridische afstammingsrelatie is bovendien voldoende; andere vereisten (zoals bijvoorbeeld behoeftigheid, afhankelijkheid of de band met de juridische ouder) bestaan niet. Zowel het Europees Hof voor de Rechten van de Mens als het Grondwettelijk Hof erkennen nochtans deze variëteit aan gezinssituaties. Ook in de omringende landen erkent de (civiele) wetgever dergelijke nieuwe gezinsvormen. Zelfs de Belgische wetgever doet dat, zij het vooralsnog in belendende domeinen, zoals het onderhoudsrecht of het fiscaal recht. Deze ontwikkelingen nopen tot reflectie over de functie en de criteria voor intergenerationeel ab intestaat erfrecht. Dit onderzoek focust op de vraag of juridische afstamming noodzakelijk én voldoende kan zijn om tot ab intestaat erfrechtelijke aanspraken te besluiten. Om deze vraag te beantwoorden zal de functie van intergenerationeel erfrecht worden onderzocht.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

RETHINKIN - Familie en familierecht in de Lage Landen. 01/01/2015 - 31/12/2024

Abstract

Dit project betreft fundamenteel kennisgrensverleggend onderzoek gefinancierd door het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek-Vlaanderen. Het project werd betoelaagd na selectie door het bevoegde FWO-expertpanel. Deze WOG wil de herdefiniëring van het familierecht wetenschappelijk aansturen voor de Lage Lan-den en daarbij internationaal een leidende rol vervullen. Een herdefiniëring van het familierecht is noodzakelijk wegens maatschappelijke evoluties die de basis van het traditionele familierecht heb-ben ondergraven. De WOG wil binnen het recht een pioniersrol spelen door die herdefiniëring uit te voeren in dialoog met andere disciplines (inter- en intradisciplinair) en de maatschappij (transdisci-plinair). Dit gebeurt vanuit drie onderzoeksvragen: 1. Welke bevoegdheid heeft de overheid, inhoudelijk zowel als procedureel, bij de regulering van familierelaties in verhouding tot de markt en de sociale zekerheid? 2. Welke moet de inhoud zijn van het overheidsoptreden, vanuit de perspectieven van bur-gerschap, police power en parens patriae-bevoegdheid? 3. Hoe kunnen recht en beleid beter worden afgesteld op sociale praktijken en percepties? Daartoe bundelt de WOG de volledige academische familierechtsbeoefening op postdoc niveau in Vlaanderen (V.Fam.) met de Nederlandse Alliantie Familie & Recht (ACFL, NIG en UCERF) onder het 'merk' Lage Landen. De WOG zal in eerste instantie een Roadmap for Kinship & Family Studies in the Low Countries op-stellen en er wetenschappelijk mee aan de slag gaan. De Roadmap zal de springplank zijn voor inter-nationale onderzoeksaanvragen onder het Horizon 2020-programma. Bestendige dialoog met een internationaal multi- en transdisciplinair panel zal toelaten het bestaande onderzoekslandschap open te breken en teams te vormen die wingebieden kan ontginnen in alliantie met andere disciplines.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Analyse en optimaliseren van de beslissingsboom en het proces voor het opleggen van administratieve geldboetes inzake dierenwelzijn. 21/01/2019 - 20/01/2020

Abstract

Het onderzoek is bedoeld om op juridische en empirische wijze te onderzoeken of en hoe de beslissingsboom, gebruikt voor het opleggen van administratieve geldboetes aan overtreders van de Vlaamse dierenwelzijnswetgeving, verbeterd kan worden.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

De functie van en de criteria voor intergenerationeel erfrecht. 01/10/2016 - 30/09/2020

Abstract

Het Belgisch intestaat erfrecht tussen verschillende generaties is gebaseerd op juridische afstamming. Het enige criterium om intestaat te erven is dus de juridische bloedverwantschap. Dit criterium omvat echter verschillende familiale situaties niet. Vandaag is het maatschappelijk begrip van familiale relaties niet langer beperkt tot juridische afstammingsrelaties. Er is namelijk een tendens naar meer verschillende familiale relaties die worden ingevuld naar keuze, maar niet per se op een juridische manier vorm (kunnen) krijgen. Ondanks deze maatschappelijke evolutie, kunnen enerzijds kinderen die enkel een socio-affectieve of biologische band hebben met de overledene niet erven omwille van het noodzakelijke vereiste van juridische bloedverwantschap. Omdat juridische bloedverwantschap voldoende is om te erven -geen enkel andere criterium geeft recht op intestaat erfaanspraken-, worden anderzijds noch de financiële behoeftigheid van juridische bloedverwanten noch hun goede of slechte relatie met de erflater in rekening gebracht voor hun erfaanspraken. Nochtans houdt de rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens en het Belgisch Grondwettelijk hof in toenemende mate rekening met dergelijke verschillende familiale situaties. Er is dus een evolutie in deze rechtspraak om in mindere mate rechtsgevolgen te verbinden aan het loutere criterium van juridische afstamming. Deze evolutie is ook merkbaar in buitenlandse rechtsstelsels, zoals bv. in Nederland waar het mogelijk is om de erfrechtelijke aanspraken van stiefkinderen op gelijke voet te plaatsen met deze van juridische kinderen. Bovendien is in andere Belgische rechtsdomeinen juridische bloedverwantschap niet het enige criterium waaraan rechten zijn gekoppeld. Zo kunnen in het onderhoudsrecht biologische kinderen een onderhoudsvordering instellen tegen de nalatenschap van hun biologische ouder, wanneer zij financieel behoeftig zijn. Deze maatschappelijke en juridische tendensen leiden tot vragen naar de hedendaagse functie van en de criteria voor intergenerationeel erfrecht. Daarom zal in dit onderzoek worden nagegaan of juridische bloedverwantschap noodzakelijk is om te erven, en of het voldoende is om te erven. Om deze vragen te beantwoorden zal de functie van het erfrecht in de maatschappij worden bepaald.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Empowering Europese families. 01/08/2016 - 31/08/2017

Abstract

Empowering European Families (EEF) is een onderzoeksproject dat streeft naar harmonisatie van het (internationaal) privaatrecht in verband met contractmogelijkheden van gehuwde, geregistreerde of samenwonende partners in de EU.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Onderzoek naar een onderdeel van het Belgisch familierecht, in het kader van een WODC-onderzoek naar vermogensbeheer bij minderjarigen. 24/12/2015 - 15/01/2016

Abstract

Dit project omvatte het Belgische rapport voor een onderzoek voor het WODC (Ministerie voor Veiligheid en Justitie NL) uitgevoerd door de Universiteit Groningen naar vermogensbeheer voor minderjarigen door hun ouders.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Meerouderschap, verwantschapsterminologie en de rol van het recht: een kritische analyse. 01/10/2015 - 30/09/2019

Abstract

Dit project gaat na hoe terminologie over nieuwe soorten verwantschappen tot stand komt in een driehoeks-interactie tussen sociale praktijk, publieke opvatting en recht, en hoe die interactie de juridische regulering van verwantschap beïnvloedt. De focus ligt op meerouderschap, dat internationaal prominent op de beleidsagenda staat. Meerouderschap is er als meer dan twee ouders tegelijkertijd zijn verbonden met eenzelfde kind, op grond van biologie, familieleven, intentie, en/of juridisch, bv. ouderschapsprojecten van homo's en lesbiennes of Drie Personen IVF. Wij hebben niet de woorden om te betrokkenen aan te spreken en aan te duiden. Dit hindert de ontwikkeling van meerouderschap in sociale praktijk, publieke opvatting en recht. Het project zal daartoe onderzoeken welke leemtes er bestaan in de genoemde driehoeks-interactie om aan te geven welke strategieën de wetgever kan en moet volgen bij de ontwikkeling van een passend regelgevend kader. Het overstijgen van de binair-seksuele benadering van ouderschap zal toelaten verwantschapsstudies in het algemeen te ontwikkelen. Als law-in-context project ('civilologie') wordt een interdisciplinair methodologisch gehanteerd. Juridische onderzoeksmethoden gaan samen met wetgevingstheorie en verscheidene kwalitatieve onderzoeksmethoden. Dit project zal als eerste systematisch en interdisciplinair de verwantschapsterminologie over nieuwe soorten verwantschappen bestuderen en een regelgevende strategie voorstellen voor de erkenning van meerouderschap. Het project omvat 6 Werkpaketten, die haalbaar zijn want ingebed in de projecten van beide promotoren. W1 omvat een beschrijvende analyse van de theorieën over verwantschapsterminologie en/in het recht en over nieuwsoortige verwantschappen, i.h.b. meerouderschap. W2 is gewijd aan secundaire data-analyse en aan de analyse van verwantschapsterminologie in sociale praktijken en publieke opvattingen. W3 beoogt primaire data-verzameling en –analyse. W4 omvat een literatuurstudie over wetgevingstheorie, in het bijzonder de performatieve effecten van juridische etiketten. W5 biedt een rechtsvergelijkend onderzoek naar de mogelijke wetgevende strategieën bij de erkenning van meerouderschap. W6 zal ten slotte de resultaten van W1-5 integreren met een kritische analyse van de driehoeks-interactie tussen sociale praktijken, publieke opvattingen en recht.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Voorbij het koppel: de dilemma's in regelgeving en beleidsuitdagingen van alleen-zijn, polyamorie en niet-seksuele huishoudens. 01/10/2015 - 30/11/2015

Abstract

Dit project richt zich op de vraag hoe de staat moet omgaan met familieformaties die niet beantwoorden aan de dominante matrix van het liefdespaar, en in het bijzonder hoe hij de uitdagingen en moeilijkheden van deze formaties in recht en beleid kan vertalen. Het project richt zich op alleen-zijn, polyamorie en niet-seksuele huishoudens in België, Italië en het Verenigd Koninkrijk. Het zal gebruik maken van diverse wetenschappelijke methoden en bronnen: rechtstheorie, sociaal-wetenschappelijke data, doctrine en focusgroepen. Voortbouwend op de resultaten mijn eerste drie jaar als FWO Pegasus MC Fellow, zal dit project een perspectief en gevalstudie bieden voor een kernvraag voor het hedendaagse overheidsbeleid: welke wettelijke en beleidsinstrumenten kunnen of moeten uitgevaardigd om om te gaan met seksuele en sociaal-culturele verschillen? Het onderzoek zal worden gevoerd in vier werkpakketten. WP1 omvat een literatuurstudie die een fundament moet leggen voor de overige WP's. WP2 zal gebruik maken van etnografische bevindingen om een beeld te schetsen van de familieformaties waarop dit project betrekking heeft. WP3 zal een gedetailleerde analyse omvatten van de beeldvorming in de media over die formaties gedurende de afgelopen 5 jaar. WP4 zal ten slotte ingaan op de regulerende rol van de staat ten opzichte van de privaatautonomie van burgers in het aangaan en vormen van hun relaties.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Rechtsvergelijkend onderzoek meerouderschap en meeroudergezag. 15/01/2015 - 01/07/2015

Abstract

Dit project kadert in een onderzoeksopdracht tussen enerzijds UA en anderzijds de opdrachtgever. UA levert aan de opdrachtgever de onderzoeksresultaten genoemd in de titel van het project onder de voorwaarden zoals vastgelegd in voorliggend contract.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

FAMCARE - Familiale dynamieken en zorg. 01/01/2015 - 31/12/2019

Abstract

Dit project kadert in een onderzoeksopdracht toegekend door de Universiteit Antwerpen. De promotor levert de Universiteit Antwerpen de onderzoeksresultaten genoemd in de titel van het project onder de voorwaarden zoals vastgelegd door de universiteit.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Officiële wetgeving en maatschappelijke betekenis: het homo-huwelijk als een voorbeeld van wettelijk pluralisme. 01/10/2012 - 30/09/2015

Abstract

Dit project betreft fundamenteel kennisgrensverleggend onderzoek gefinancierd door het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek-Vlaanderen. Het project werd betoelaagd na selectie door het bevoegde FWO-expertpanel.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Opportuniteiten en gevolgen van de ratificatie door België van het UNIDROIT '95 verdrag inzake gestolen en illegaal uitgevoerde cultuurgoederen. 12/12/2011 - 12/10/2012

Abstract

De opdracht omvat de redactie van een advies over de (1) wenselijkheid van de ratificatie door België van het UNIDROIT-Verdrag betreffende gestolen of onrechtmatig geëxporteerde goederen (1995); (2) de consequenties van de eventuele niet-ratificatie en (3) de consequenties van de eventuele ratificatie.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Luisternetwerk van notarissen. Persoonlijke en patrimoniale planning voor zorgenkinderen. 16/08/2011 - 30/11/2011

Abstract

Dit project kadert in een dienstverleningsopdracht tussen enerzijds UA en anderzijds de Koning Boudewijnstichting. UA levert aan de Koning Boudewijnstichting de onderzoeksresultaten genoemd in de titel van het project onder de voorwaarden zoals vastgelegd in voorliggend contract

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Opstellen van een afwegingskader voor investeringen in cultureel-erfgoeddepots in Vlaanderen. 15/01/2011 - 15/07/2011

Abstract

De onderzoeksdoelen van dit project zijn: A. Het maken van een landschapstekening van de aanwezige erfgoeddepots in de verschillende Vlaamse provincies. B. Onderzoeken welke rol de private sector kan spelen in het bouwen, verbouwen en beheren van depots.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Het juridische statuut van het ongeboren menselijke leven. 01/10/2009 - 30/09/2011

Abstract

Het juridische statuut van het ongeboren menselijke leven is naar huidig recht onzeker en betwist. Het doel van dit proefschrift is na te gaan welk (algemeen) juridisch statuut aan dit leven behoort toe te komen. Hiertoe wordt eerst een analyse gemaakt van de huidige juridische bescherming van het menselijke leven vanaf het ogenblik van de bevruchting tot aan de geboorte. Daarnaast zal ook het juridische persoonsbegrip grondig worden onderzocht.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Dwarsverbindingen tussen publieke en private verzamelingen van hedendaagse beeldende kunst. 01/02/2009 - 31/12/2010

Abstract

Private verzamelaars van hedendaagse beeldende kunst ontwikkelen veeleer eigen juridische structuren voor opbouw, beheer en overdracht van hun verzameling, dan synergie te zoeken met publieke verzamelingen. Het ontbreekt de overheid aan een efficiënt instrumentarium om wederzijdse dwarsverbindingen tot stand te brengen. Een onderzoek naar het private resp. publieke instrumentarium moet toelaten betere dwarsverbindingen mogelijk te maken.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Sociale betekenis en juridische bescherming van private relaties. 01/01/2009 - 31/12/2012

Abstract

In dit project staat de vraag centraal of en in welke mate een aanvullend of dwingend juridisch kader voor informele relaties tussen volwassenen kan worden gerechtvaardigd. Om deze vraag adequaat te beantwoorden, is voorafgaandelijk inzicht nodig in de subjectieve betekenis en sociale functie van verschillende relatievormen tussen volwassenen. De onderzoeksvragen worden bestudeerd vanuit zowel sociologische als juridische paradigma's, in een multidisciplinair theoretisch kader en aan de hand van kwalitatieve onderzoeksmethoden.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Werken aan een betere levenskwaliteit van personen met dementie en hun omgeving. 18/07/2008 - 30/11/2008

Abstract

Met het project wil de Koning Boudewijnstichting bijdragen tot een verbetering van de levenskwaliteit van mensen die lijden aan dementie en hun omgeving door het beeld van de ziekte te veranderen, met als achtergrond de manier waarop de ziekte wordt beleefd, de autonomie, de verbondenheid en de afhankelijkheid van de persoon in de verschillende stadia van de ziekte. Daarbij zullen vooral de zorgverlening en het juridische apparaat diepgaand worden onderzocht. Dit deelproject omvat de reactie van een rapport over het juridische apparaat, waarin knelpunten worden aangekaart m.b.t. het beheer van goederen en m.b.t. de toepassing van de wet betreffende de bescherming van de persoon van de geesteszieke (zowel problemen waarmee patiënten of hun familie geconfronteerd worden als die ontmoet door andere actoren: vrederechters, notarissen, artsen, voorlopige bewindvoerders...) en waarin aanbevelingen worden geformuleerd.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Het juridische statuut van het ongeboren menselijke leven. 01/10/2007 - 30/09/2009

Abstract

Het juridische statuut van het ongeboren menselijke leven is naar huidig recht onzeker en betwist. Het doel van dit proefschrift is na te gaan welk (algemeen) juridisch statuut aan dit leven behoort toe te komen. Hiertoe wordt eerst een analyse gemaakt van de huidige juridische bescherming van het menselijke leven vanaf het ogenblik van de bevruchting tot aan de geboorte. Daarnaast zal ook het juridische persoonsbegrip grondig worden onderzocht.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

De positie van de psychiatrische patiënt in de patiëntenrechtenwet. 01/10/2005 - 30/09/2006

Abstract

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Modern Europees familierecht: het Zuid-Afrikaanse voorbeeld. 01/05/2005 - 31/12/2006

Abstract

De Europese instellingen zijn niet rechtstreeks bevoegd op het gebied van het materiële familierecht. Toch kan het bestaan van een Europees familierecht niet worden ontkend. De inhoud ervan is op het eerste gezicht vrij conservatief, zodat hij de moderne evoluties in de gezinsvorming niet opvangt. Aan de hand van vergelijkbare ontwikkelingen in Zuid-Afrika, wordt in dit onderzoek nagegaan hoe het Europese familierecht met gebruik van de beschikbare instrumenten kan moderniseren.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

Installatiekrediet nieuwe ZAP. 01/01/2003 - 31/12/2003

Abstract

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

De rechtspositie van geestesziekten in het burgerlijk recht. 01/10/1998 - 30/09/1999

Abstract

Uitgangspunt voor het onderzoek is een korte medische classificatie van wat onder een geestesziekte kan worden verstaan. Aan omstreden gevallen zoals toxicomanie of sexueel deviant gedrag, wordt getracht een plaats te geven. De bekomen classificatie wordt in een hoofddeel geprojecteerd op burgerrechtelijke bepalingen omtrent geestesziekten. Een tweedeling wordt gemaakt tussen de positie van de geesteszieke zelf en die van derden, de maatschappij inbegrepen. De juridische regeling betreffende persoonlijkheidsrechten, familierechtelijke aspecten en de goederen wordt achtereenvolgens besproken. Voorstellen tot opvullen van hiaten worden geformuleerd. Ook wordt de mogelijkheid bestudeerd van een algemeen mentorschap, mbt. de personen en/of de goederen. Daarbij zullen in het buitenland geldende regelingen van naderbij worden bekeken.

Onderzoeker(s)

Onderzoeksgroep(en)

    De rechtspositie van geestesziekten in het burgerlijk recht. 01/10/1996 - 30/09/1998

    Abstract

    Uitgangspunt voor het onderzoek is een korte medische classificatie van wat onder een geestesziekte kan worden verstaan. Aan omstreden gevallen zoals toxicomanie of sexueel deviant gedrag, wordt getracht een plaats te geven. De bekomen classificatie wordt in een hoofddeel geprojecteerd op burgerrechtelijke bepalingen omtrent geestesziekten. Een tweedeling wordt gemaakt tussen de positie van de geesteszieke zelf en die van derden, de maatschappij inbegrepen. De juridische regeling betreffende persoonlijkheidsrechten, familierechtelijke aspecten en de goederen wordt achtereenvolgens besproken. Voorstellen tot opvullen van hiaten worden geformuleerd. Ook wordt de mogelijkheid bestudeerd van een algemeen mentorschap, mbt. de personen en/of de goederen. Daarbij zullen in het buitenland geldende regelingen van naderbij worden bekeken.

    Onderzoeker(s)

    Onderzoeksgroep(en)